Wie vandaag het nieuws volgt, sociale media bekijkt of gesprekken voert aan de keukentafel, kan zich nauwelijks onttrekken aan een gevoel van onrust. Oorlogen, geopolitieke spanningen, klimaatcrises, technologische ontwrichting, polarisatie in de samenleving en onzekerheid over de toekomst. Het lijkt alsof de wereld steeds chaotischer wordt. Veel mensen voelen zich machteloos, boos, angstig of uitgeput. En leiders – zeker in het bedrijfsleven – ervaren een extra druk: zij moeten koers houden, beslissingen nemen en stabiliteit uitstralen in een wereld die allesbehalve stabiel voelt.
De reflex is begrijpelijk: harder werken, beter nadenken, meer controle organiseren. Nog scherper analyseren. Nog sneller reageren. Maar eerlijk gezegd: heeft die aanpak ons niet gebracht waar we nu zijn? Misschien is het tijd om te erkennen dat er iets fundamenteels anders nodig is.
In mijn zoektocht kom ik tot de conclusie dat er ontwikkelingen gaande zijn die ontregelen EN de mooiste toekomst mogelijk maken die we ons voor kunnen stellen Abundance/Overvloed voor iedereen! Het proces is aan de gang. De mens ontwikkelt technologieën die dat volledig mogelijk maken. Het enige wat wij hoeven te doen is ons overgeven aan die stroom. Maar zover zijn we nog niet. We blijven denken vanuit tekort, strijd en overleven.
De tweetrapsraket die wél werkt
Van alle pogingen om een ‘beter mens’ te worden en ‘een betere wereld’ achter te laten, is er nu eigenlijk nog maar één over die echt werkt: de tweetrapsraket van zelfliefde en overgave. Niet als zweverig ideaal, maar als een diep menselijke en praktische houding. Deze twee ingrediënten zorgen ervoor dat het innerlijke verzet tegen de werkelijkheid stopt. En precies dát verzet is wat ons overlevingssysteem – het ego – voortdurend activeert en uitput.
Zelfliefde betekent niet dat alles maar goed is of dat grenzen verdwijnen. Het betekent dat je jezelf volledig ontmoet, inclusief je angst, boosheid, machteloosheid en onzekerheid, zonder jezelf af te wijzen. Overgave betekent dat je stopt met vechten tegen wat er nu eenmaal is. Niet omdat je onverschillig wordt, maar omdat je inziet dat vechten tegen de werkelijkheid altijd verlies oplevert.
Wanneer deze twee samenkomen, ontspant er iets fundamenteels. Dan ontstaat er ruimte. En in die ruimte verschijnt iets wat we vaak zijn kwijtgeraakt: oké-heid.
Oké-heid als innerlijk anker
Die oké-heid is geen gedachte of affirmatie. Het is een voelende aanwezigheid. Een stille, liefdevolle waarnemer. Een glimp van onze werkelijke aard, die niet wordt aangetast door wat er gebeurt – hoe heftig of onrechtvaardig dat soms ook is. Het is het besef dat je, op het diepste niveau, niet stuk kunt gaan en niets kunt verliezen.
Lijden ontstaat niet door wat er gebeurt, maar door het idee dat we afgescheiden zijn. Dat we er alleen voor staan. Dat we iets verkeerd doen als het leven niet volgens plan verloopt. Dat idee van afgescheidenheid is diep verankerd in onze manier van kijken. En precies dát maakt dat we de wereld ervaren als vijandig, bedreigend of overweldigend.
Wat we vaak niet zien, is dat we deze werkelijkheid mede zelf creëren. Onze waarneming vormt onze ervaring. We zijn zo gewend geraakt aan een wereldbeeld van tegenstellingen – goed versus fout, wij versus zij, succes versus falen, dat we niet eens meer doorhebben dat dit een lens is en geen absolute waarheid.
Leven in een duale werkelijkheid
Deze wereld ís een wereld van dualiteit. Tegenstellingen horen bij deze vorm van bestaan. Licht en donker. Opbouw en afbraak. Creatie en destructie. Dat is geen fout in het systeem, maar het systeem zelf. Bewustzijn ervaart zichzelf hier via contrast. Zonder donker geen licht. Zonder spanning geen beweging.
Onze mind is echter zo getraind in deze duale logica dat hij voortdurend strijd ziet, of een standpunt in moet nemen. En waar strijd wordt waargenomen, activeert het overlevingssysteem. Dat systeem is ooit bedoeld om ons fysiek veilig te houden. Maar inmiddels activeren we dit ook bij meningsverschillen, onzekerheid, kritiek, veranderende markten of maatschappelijke onrust. Het lichaam reageert alsof er gevaar dreigt, terwijl dat vaak niet zo is.
Het gevolg: we leven vanuit overleving in plaats van vanuit leven.
In organisaties zie je dit terug wanneer vergaderingen vooral gaan over risico’s, dashboards en verantwoording, terwijl de wezenlijke vragen uitblijven. Wanneer mensen elkaar corrigeren, maar zelden nog werkelijk ontmoeten. Wanneer ‘professioneel’ langzaam ‘onpersoonlijk’ wordt.
De prijs van voortdurend overleven
Wie voortdurend in overleving staat, raakt vervreemd van zijn werkelijke aard. Dan verdwijnt nuance. Dan wordt feedback persoonlijk. Dan ontstaat zelfkritiek en soms zelfs zelfafwijzing. “Ik doe het niet goed.” “Ik ben niet genoeg.” En zo belanden we collectief in een eindeloos verbetertraject, waarin niets ooit echt af is.
In dit ‘gedoe’ wordt niet meer gezien dat we dit zelf creëren door de lens, waardoorheen we de gebeurtenissen zien, en de neiging om altijd standpunten in te nemen. De ene kant is goed, de andere kant niet. We vertrouwen meer op dit oordeel, dan op het proces dat toch wel loopt en waar we bij aan kunnen sluiten. Dan ben je van het idee af dat het allemaal van jou afhangt.
Dit zie je niet alleen bij individuen, maar ook in organisaties. Bedrijven die permanent in crisisstand opereren. Leiders die denken dat ze altijd sterk, zeker en oplossingsgericht moeten zijn. Culturen waarin fouten worden genegeert in plaats van onderzocht. Het is vermoeiend. En het is op de lange termijn niet houdbaar.
De weg naar binnen als antwoord op chaos
Wordt de ellende in de wereld opgelost als we naar binnen keren? Ja – maar niet op de manier die we gewend zijn te denken. Niet door direct de wereld te ‘fixen’, maar door onze perceptie te transformeren.
Wanneer je je eigen strijd durft te ontmoeten – de neiging tot controle, het oordelen, het wegkijken, het projecteren op anderen – en dat met mildheid en eerlijkheid doet, gebeurt er iets wezenlijks. Wat gezien wordt, hoeft zich niet meer te herhalen. Wat met liefde wordt benaderd, kan transformeren.
Dat kan zo eenvoudig zijn als het moment waarop je merkt dat je gelijk wilt halen, controle wilt uitoefenen of je terugtrekt – en in plaats daarvan even blijft. Niet om iets op te lossen, maar om te voelen wat er werkelijk speelt.
Dit is de essentie van zelfliefde. En hier komt overgave in beeld: vertrouwen dat wat zich ontvouwt, zich niet tegen je keert, maar iets in beweging zet dat groter is dan jijzelf. Je laat eindelijk de ongekende vermogens toe die al in je zitten maar nog niet tot uiting komen. Door de innerlijke strijd en het idee dat er niet genoeg is in de wereld te transformeren zie je de wereld niet meer vanuit dat paradigma (van strijd en tekort) en kom je gemakkelijker tot echte oplossingen, zonder haast en met wijsheid.
Wat betekent dit voor leiders?
Voor leiders in het bedrijfsleven vraagt dit moed. De moed om niet alles dicht te timmeren. De moed om onzekerheid te verdragen. De moed om mens te blijven in plaats van rol. Leiderschap vanuit presence betekent dat je eerst je eigen binnenwereld kent, voordat je de buitenwereld probeert te sturen.
Dat maakt je niet zwakker, maar juist steviger. Minder reactief. Minder gedreven door angst. Meer afgestemd op wat werkelijk nodig is – nu, in dit moment. Zulke leiders creëren veiligheid, niet door controle, maar door aanwezigheid. Ze maken ruimte voor dialoog, voor leren, voor menselijkheid, voor werken vanuit passie en waarden. En precies dat is wat organisaties nodig hebben in tijden van chaos. Wil jij meewerken aan een toekomst waarin er overvloed is voor iedereen?
Van individuele transformatie naar collectieve beweging
Naarmate meer mensen – en leiders – deze beweging maken, verandert ook onze omgang met elkaar, met de natuur en met het leven zelf. Niet omdat we dat afdwingen, maar omdat perceptie altijd doorwerkt in gedrag. De wereld weerspiegelt ons innerlijk landschap.
Hier ligt de uitnodiging: werk aan jezelf, niet als ego-project, maar als bijdrage aan het geheel. En vertrouw erop dat wat er gebeuren moet, gebeurt. Collectieve trauma’s willen gezien en doorvoeld worden, net zoals jouw persoonlijke pijn dat wil. Wanneer dat gebeurt, ontstaat ontspanning. Ruimte. En uiteindelijk zelfs vreugde – de joy of being.
De wereld wordt dan niet per se rustiger. Maar jij wel. En vanuit die rust ontstaat een ander soort handelen. Minder gedreven door angst, meer door verbondenheid. Dat is geen naïviteit. Dat is volwassenheid, en het werkt aanstekelijk.
Misschien is dat wel het meest realistische antwoord op de chaos.
Leiderschap begint in deze tijd niet meer bij visie, strategie of daadkracht,
maar bij de bereidheid om je eigen onrust te ontmoeten –
en van daaruit aanwezig te blijven.
Niet om de chaos te beheersen,
maar om haar niet langer door te geven.